Toen Querido vroeg of ik een spannend verhaal wilde schrijven voor de bundel Nergens bang voor heb ik eerst een avondje ‘enge verhalen’ gegoogeld.
Ik kwam op een katten-chatsite waar iemand vertelde over een poes die plotseling blazend naar de hoek van de kamer stond te kijken. Zonder reden, zo te zien. Tenminste, de reden was voor dat kattenbaasje niet te zien geweest. Ze vond het behoorlijk spookachtig. Dat leek me meteen mooi voor een verhaal.
We hadden net zelf een kat, Sydney. Haar vond ik ook wel eens eng. Soms keek ze me aan alsof ze me helemaal door had. Alsof ze precies wist wat ik dacht en nog veel meer. Misschien zijn katten wel paranormaal begaafd, dacht ik. Misschien zien en voelen ze dingen die mensen niet kunnen zien of voelen.
In Ogen die wisten wat je dacht heb ik de hoofdpoes, Hagar, het knuffeldier terug laten vinden dat mijn oudste zoon kwijtraakte toen hij vijf jaar was. Nout, de hoofdpersoon van het verhaal, verliest ook zijn knuffel. De knuffel van mijn zoon heette Jib. De knuffel in het verhaal heet Wasari. Allebei waren ze uit de fietstas van de moeder gevallen op de terugweg van school naar huis.
Eerst hebben we gezocht, natuurlijk, mijn zoon en ik. Daarna hebben we gehuild. Nog later probeerden we te bedenken waar Jib gebleven zou zijn. Bij iemand anders thuis in bed? In de vijver, in de prikkelstruiken waar mensen niet in kunnen? Mijn zoon heeft zijn knuffel nooit meer teruggevonden, maar hij vond het fijn om te weten dat het met Nout en Wasari goed afliep.
Met Sydney, onze echte kat, liep het niet goed af. Een paar dagen nadat Ogen die wisten wat je dacht klaar was kwam ze ‘s nachts niet thuis. Dat had ze nog nooit gedaan. ’s Ochtends belde de achterbuurman. Of we onze poes kwijt waren? Ja, zei ik. Kom dan maar even langs, zei hij zacht. Toen ik in zijn tuin kwam, zag ik Sydney hangen. Ze moet die nacht tijdens de storm uit een boom naar beneden zijn gevallen. Met haar mooie witte buik helemaal onbeschermd hing ze daar, ondersteboven met een achterpoot klem tussen twee takken. Zo was ze dood gegaan. Helemaal in haar uppie. En ze was pas één.
Veel te erg voor een verhaal.
![]()